ECLI:NL:RVS:2015:3110
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging kostenverhaal bestuursdwang bij verwijdering en sloop woonark
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland heeft de kosten van bestuursdwang vastgesteld op € 56.874,50 voor het verwijderen, bewaren en slopen van een woonark die illegaal lag afgemeerd. Na bezwaar is dit bedrag verlaagd tot € 49.264,50. De rechtbank verklaarde het beroep van de overtreder ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State.
De overtreder stelde dat hij de kosten niet kon voldoen en zelf de woonark wilde slopen, waardoor de kosten gematigd of op nihil gesteld hadden moeten worden. Ook betoogde hij dat het college de woonark eerder had kunnen verkopen of vernietigen om kosten te besparen. De Raad van State oordeelde dat bestuursdwang en kostenverhaal in principe samengaan en dat geen bijzondere omstandigheden waren gebleken die tot matiging leidden.
Verder werd geoordeeld dat het college terecht kon afzien van verkoop of eerdere vernietiging, omdat de woonark geen waarde had, onverkoopbaar was en sloop vanwege asbest hoge kosten met zich meebracht. Ook was er sprake van emotionele waarde voor de overtreder, wat het college meenam. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, met verbeterde motivering.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de kosten van bestuursdwang terecht op de overtreder zijn verhaald zonder matiging.