ECLI:NL:RVS:2015:3328
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing van afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende aanvullend medisch onderzoek
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 2 april 2014 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 12 maart 2015 het besluit vernietigde en de zaak terug verwees met instructies voor een nieuw besluit.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris aanvullend medisch onderzoek had moeten verrichten naar aanleiding van het iMMO-rapport over de psychische problematiek van de vreemdeling. De staatssecretaris had reeds rekening gehouden met beperkingen vastgesteld door MediFirst in maart 2014 en had tijdens het nader gehoor passende maatregelen genomen.
De Afdeling stelde vast dat de vreemdeling tijdens het nader gehoor coherent en consistent kon verklaren en dat er geen aanwijzingen waren dat aanvullend onderzoek noodzakelijk was. De grieven van de staatssecretaris werden gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor herbehandeling met inachtneming van de overwegingen.
De proceskosten van het hoger beroep werden vastgesteld op €490, waarvan de vergoeding aan de rechtbank werd overgelaten. De uitspraak werd op 21 oktober 2015 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling.