ECLI:NL:RVS:2015:3369
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen ondanks overgangsmaatregelen EU
De minister legde op 11 juli 2013 een boete van €9.500 op aan [appellante] wegens overtreding van artikel 2 en Pro 15 van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van [appellante] ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de Bulgaarse werknemer als zelfstandige werkte en of de vergunningplicht terecht was gehandhaafd in het kader van de overgangsmaatregelen van de EU. De Raad van State oordeelde dat de werknemer onder gezag van [bedrijf] werkte en dus niet zelfstandig was. Tevens werd bevestigd dat Nederland de vergunningplicht tot 1 januari 2014 mocht handhaven op grond van Bijlage VI van het VWEU.
Verder werd geoordeeld dat het beroep op artikel 20 VWEU Pro en het arrest Ruiz Zambrano niet slaagt omdat de overgangsmaatregelen een uitzondering vormen op het vrije verkeer van werknemers. Ook het betoog dat de boete in strijd zou zijn met het lex-certabeginsel werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boete van €9.500 wordt bevestigd.