ECLI:NL:RVS:2015:3498
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering zorgtoeslag na vaststelling hoger toetsingsinkomen
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland die het beroep tegen de terugvordering van te veel ontvangen zorgtoeslag over 2012 ongegrond verklaarde.
De Belastingdienst/Toeslagen had op 7 september 2013 de zorgtoeslag vastgesteld op €319 en €1.423 aan te veel ontvangen voorschotten teruggevorderd. Appellante maakte bezwaar, dat werd afgewezen, waarna zij beroep instelde bij de rechtbank. Deze volgde het standpunt van de Belastingdienst dat het toetsingsinkomen hoger was dan waarop de voorschotten waren gebaseerd, en verklaarde het beroep ongegrond.
Appellante stelde dat de rechtbank ten onrechte niet inhoudelijk op haar bezwaren tegen het vastgestelde toetsingsinkomen was ingegaan en dat het toetsingsinkomen niet definitief was vastgesteld omdat zij hoger beroep had ingetrokken. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank terecht het door de inspecteur vastgestelde verzamelinkomen als uitgangspunt nam en dat eventuele bezwaren tegen dat inkomen bij de inspecteur moeten worden voorgelegd.
Verder wees de Raad van State het betoog af dat de Belastingdienst het besluit had moeten intrekken vanwege een nieuwe aanslag inkomstenbelasting in 2015. De dienst mocht uitgaan van het op dat moment vastgestelde inkomen en is verplicht tot herziening indien dat inkomen later wijzigt.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.