ECLI:NL:RVS:2015:3526
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over mandaat en bekendmaking besluit op bezwaar
Het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade had op 4 juni 2013 een verzoek van een wederpartij gedeeltelijk ingewilligd en verklaarde bij besluit van 27 augustus 2013 het bezwaar van die wederpartij niet-ontvankelijk. De secretaris van de bezwaarschriftencommissie maakte dit besluit op 28 augustus 2013 bekend met een brief. De rechtbank Limburg oordeelde dat deze brief als besluit op bezwaar moest worden aangemerkt en dat deze onbevoegd was genomen omdat deze niet door burgemeester en secretaris was ondertekend.
Het college stelde in hoger beroep dat het besluit op bezwaar in de vergadering van 27 augustus 2013 was genomen en dat de secretaris van de bezwaarschriftencommissie bevoegd was om het besluit bekend te maken op grond van mandaat. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het besluitformulier van 27 augustus 2013 rechtsgeldig was genomen door een meerderheid van het college en dat de brief van 28 augustus 2013 slechts de bekendmaking van dat besluit betrof.
De mandatering aan de secretaris voor de bekendmaking is volgens de Afdeling toegestaan en de onregelmatigheid in de ondertekening van de brief raakt de rechtmatigheid van het besluit niet. Daarom werd het hoger beroep van het college gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de wederpartij ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de wederpartij ongegrond verklaard.