ECLI:NL:RVS:2015:3588
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Openbaarmaking namen oud-wethouders en oud-raadsleden in wachtgeldkwestie geweigerd
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht verstrekte op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) een geanonimiseerd overzicht van wachtgelduitkeringen aan oud-wethouders en oud-raadsleden. De namen werden niet openbaar gemaakt vanwege bescherming van de persoonlijke levenssfeer. De rechtbank Midden-Nederland oordeelde dat de namen wel openbaar moesten worden gemaakt en vernietigde het besluit van het college.
Het college ging in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het belang van openbaarheid moet worden afgewogen tegen het belang van bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Gezien de persoonlijke omstandigheden die de hoogte van wachtgeld bepalen, kan openbaarmaking van namen leiden tot benadeling van betrokkenen en een inbreuk op hun privacy.
De Raad van State stelde vast dat het college de namen met goede gronden geheim mocht houden en dat het maatschappelijk debat niet rechtvaardigt dat individuele namen openbaar worden gemaakt. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd voor zover het de openbaarmaking van namen beval, en het beroep tegen het gewijzigde besluit van het college ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank voor zover het de openbaarmaking van namen beval en verklaart het beroep tegen het gewijzigde besluit van het college ongegrond.