ECLI:NL:RVS:2015:359
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag toevoeging rechtsbijstand na nietige dagvaarding
Appellant vroeg op 19 april 2013 een toevoeging voor rechtsbijstand aan in een strafprocedure. De raad wees dit verzoek op 17 mei 2013 af omdat er al een eerdere toevoeging was verstrekt voor dezelfde zaak. Appellant stelde dat de eerdere dagvaarding nietig was verklaard en dat daarom een nieuwe toevoeging noodzakelijk was. De raad herzag het besluit deels en gaf alsnog een toevoeging, maar weigerde vergoeding van gemaakte kosten in bezwaar.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat appellant niet had aangegeven dat de eerdere dagvaarding nietig was verklaard en de raad daardoor niet beschikte over deze informatie. Volgens de rechtbank lag het op de weg van appellant om deze informatie uit eigen beweging te verstrekken. De raad had geen aanleiding om zelf nadere informatie op te vragen.
In hoger beroep bevestigde de Raad van State deze beoordeling en oordeelde dat het besluit niet onrechtmatig was. De afwijzing van de vergoeding van kosten was terecht en het hoger beroep werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de aanvraag toevoeging rechtsbijstand en verklaart het hoger beroep ongegrond.