ECLI:NL:RVS:2015:3594
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing inschrijving huwelijksontbinding in basisregistratie personen
Het college van burgemeester en wethouders van Duiven weigerde de inschrijving van de huwelijksontbinding van appellant en zijn echtgenote in de basisregistratie personen (brp) op grond van het ontbreken van de vereiste instemming van de andere echtgenoot bij een eenzijdige ontbinding door verstoting. Appellant stelde beroep in tegen deze weigering, maar de rechtbank verklaarde dit ongegrond omdat de aanvraag als herhaalde aanvraag werd aangemerkt zonder dat nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd.
In hoger beroep betoogde appellant dat het besluit van het college niet van dezelfde strekking was als het eerdere besluit en dat de overgelegde documenten, waaronder een beschikking van een buitenlandse rechtbank, wel nieuwe feiten vormden. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het besluit van 10 juni 2014 een afwijzing van gelijke strekking was als het eerdere besluit en dat de overgelegde documenten geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatten die een hernieuwde toetsing rechtvaardigen.
De beschikking van de buitenlandse rechtbank betrof een toestemming om een verstotingsprocedure voort te zetten en bevatte geen bewijs van daadwerkelijke ontbinding van het huwelijk of instemming van de echtgenote. Het hoger beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het hoger beroep van het college werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het te laat was ingediend en geen nieuwe feiten bevatte.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college tot weigering van inschrijving van de huwelijksontbinding wordt bevestigd.