ECLI:NL:RVS:2015:3629
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belanghebbenschap en bevoegdheid bij omgevingsvergunning voor inpandige appartementen in Vrouwenpolder
Het college van burgemeester en wethouders van Veere verleende op 21 augustus 2013 een omgevingsvergunning voor het realiseren van drie inpandige appartementen op een perceel te Vrouwenpolder, welke later werd ingetrokken. Appellant A en Agraforce voerden bezwaar en beroep aan tegen deze besluiten. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond voor zover het ging om de proceskostenvergoeding, maar wees het beroep verder af.
In hoger beroep betoogden appellant A en Agraforce dat zij als belanghebbenden moesten worden aangemerkt bij het besluit van 21 augustus 2013 en dat het beroep mede moest worden gericht tegen een nieuw besluit van 6 juni 2014. De Afdeling oordeelde dat appellant A geen rechtstreeks belang had bij het besluit van 6 juni 2014 vanwege de afstand en het ontbreken van zicht op het perceel, terwijl Agraforce als exploitant van vakantiewoningen in hetzelfde marktsegment wel belanghebbende was.
Verder werd geoordeeld dat het college bevoegd was om af te wijken van het bestemmingsplan op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, omdat op het perceel een agrarisch bedrijf werd geëxploiteerd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, het beroep van appellant A tegen het besluit van 6 juni 2014 niet-ontvankelijk en dat van Agraforce ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant A tegen het besluit van 6 juni 2014 is niet-ontvankelijk en het beroep van Agraforce ongegrond verklaard.