ECLI:NL:RVS:2015:3760
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.C. van Sloten
- G. van der Wiel
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen reactieve aanwijzing windturbines Cornelis Douwesterrein
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland gaf een reactieve aanwijzing op grond van artikel 3.8, zesde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, waarmee de artikelen 6 en 7 van het bestemmingsplan voor het Cornelis Douwesterrein werden beperkt. Dit plan voorzag in de realisatie van maximaal drie windturbines, maar de provincie stelde dat dit niet in overeenstemming was met de provinciale ruimtelijke verordening (PRV).
De gemeente Amsterdam en de Coöperatie voerden aan dat het provinciale verbod op windturbines in strijd was met hogere wetgeving en algemene rechtsbeginselen, dat er maatschappelijk draagvlak bestond en dat subsidie was verleend. De Raad van State oordeelde dat provinciale staten de belangen van het behoud van openheid en ruimtelijke kwaliteit in redelijkheid mochten laten prevaleren boven de belangen van onbelemmerde windenergieontwikkeling.
Verder werd geoordeeld dat de subsidie pas na het besluit was verleend en dat de prestatieafspraken met het Rijk niet werden geschaad. Ook werd bevestigd dat provinciale staten niet zonder meer verplicht zijn een inpassingsplan vast te stellen voor de drie windturbines. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen de reactieve aanwijzing zijn ongegrond verklaard.