ECLI:NL:RVS:2015:378
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan aanduiding specifieke vorm van bedrijf wegens onvoldoende voorbereiding
De raad van de gemeente Zwijndrecht stelde op 8 april 2014 het bestemmingsplan 'Heerjansdam - Gors' vast, waarin onder meer het perceel van appellante aan de locatie te Heerjansdam werd bestemd als bedrijventerrein met een specifieke aanduiding voor aannemingsbedrijf. Appellante voerde bezwaar aan tegen het niet als zodanig bestemd zijn van haar puinbreker, die zij met een milieuvergunning exploiteert. De raad stelde dat de puinbreker niet bij recht was toegestaan vanwege milieucategorie en afstand tot woningen, maar dat een omgevingsvergunning mogelijk was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de raad de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - aannemingsbedrijf' ten onrechte slechts aan een beperkt deel van het perceel had toegekend, terwijl de overslagactiviteiten op een groter deel plaatsvinden en daarvoor een milieuvergunning bestaat. Dit betekende dat het besluit onvoldoende zorgvuldig was voorbereid en in strijd met artikel 3:2 Awb Pro. Daarom werd het besluit vernietigd voor zover het de aanduiding betrof.
De Afdeling wees vervolgens zelf de aanduiding toe aan het juiste gedeelte van het perceel en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. Tevens werd de raad opgedragen binnen vier weken de uitspraak te verwerken in het elektronisch vastgestelde plan. De raad werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd voor de aanduiding specifieke vorm van bedrijf en deze wordt door de Afdeling zelf toegekend aan het juiste perceelsgedeelte.