ECLI:NL:RVS:2015:38
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering kinderopvangtoeslag 2008
De Belastingdienst/Toeslagen heeft bij besluit van 27 september 2012 de kinderopvangtoeslag over 2008 aan appellante herzien en op nihil vastgesteld, met terugvordering van €10.221,00. Appellante maakte bezwaar en stelde dat de Belastingdienst niet bevoegd was tot herziening en dat rekening had moeten worden gehouden met het nadelige effect van terugvordering.
De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt dit oordeel. De herziening is gebaseerd op artikel 21 van Pro de Awir, waarbij bepalend is of appellante wist of behoorde te weten dat de toeslag te hoog was toegekend. Appellante had zelf een overzicht overgelegd waaruit bleek dat haar kosten lager waren dan de toegekende toeslag, zodat zij dit had moeten weten.
Verder is in artikel 26 Awir Pro dwingend voorgeschreven dat terugvordering volledig moet plaatsvinden indien sprake is van een te hoge toeslag. De Belastingdienst had geen ruimte om terugvordering geheel of gedeeltelijk achterwege te laten. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De herziening en terugvordering van de kinderopvangtoeslag 2008 worden bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.