ECLI:NL:RVS:2015:3805
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over omgevingsvergunning bouw woonhuis met garage in Breda
Bij besluit van 26 januari 2015 verleende het college van burgemeester en wethouders van Breda een omgevingsvergunning aan de vergunninghoudster voor de bouw van een woonhuis met garage op een perceel in Breda. Appellante, wonend op het naastgelegen perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde dat het bouwplan niet in overeenstemming was met het bestemmingsplan "Buitengebied Zuid 2013".
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante gegrond en vernietigde het besluit van 7 juli 2015, waarbij het college het bezwaar ongegrond had verklaard. De rechtbank bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand bleven met betrekking tot een gewijzigde tekening van 10 april 2015. Appellante stelde hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening.
De Raad van State oordeelde dat de wijzigingen in het bouwplan van ondergeschikte aard waren en dat het bouwplan niet in strijd was met het bestemmingsplan. De garage en berging werden terecht als bijgebouw aangemerkt, waardoor hun inhoud niet bij het bouwvolume van de woning werd gerekend. Het bouwplan voldeed aan de planregels omtrent inhoud en oppervlakte. Ook werd geoordeeld dat het ontbreken van een erfinrichtingsplan geen weigeringsgrond vormde.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank met verbetering van de gronden en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.