ECLI:NL:RVS:2015:3896
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over onrechtmatige vrijheidsontneming vreemdeling
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag waarin werd geoordeeld dat de vrijheidsontneming van een vreemdeling onrechtmatig was. De rechtbank had de vrijheidsontnemende maatregel opgeheven en schadevergoeding toegekend.
De Raad van State oordeelde dat de periode van vrijheidsontneming op 10 september 2015 niet onredelijk lang was, omdat de staatssecretaris handelingen verrichtte in het kader van het onderzoek naar toegangsweigering en oplegging van de maatregel. De rechtbank had dit onjuist beoordeeld.
Verder werd geoordeeld dat het besluit van 10 september 2015 voldoende was gemotiveerd, en dat de staatssecretaris niet onvoldoende voortvarend had gehandeld bij de asielprocedure. Het beroep van de vreemdeling werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de vrijheidsontnemende maatregel blijft gehandhaafd.