ECLI:NL:RVS:2015:3920
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.J. van Ettekoven
- J.G.C. Wiebenga
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan De Steupel wegens onjuiste ontheffing en motivering
De raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk stelde op 16 juli 2014 het bestemmingsplan 'De Steupel' vast, gebaseerd op een ontheffing van de Verordening Ruimte verleend door het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland op 29 november 2011. Appellanten, waaronder Stichting Natuurbehoud De Steupel, stelden beroep in tegen deze besluiten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de Stichting niet-ontvankelijk was omdat zij geen feitelijke werkzaamheden verricht ter behartiging van haar doelstelling en daarmee geen belanghebbende is. De Afdeling toetste vervolgens de ontheffing en het bestemmingsplan inhoudelijk. Het college had onvoldoende gemotiveerd dat er sprake was van een groot maatschappelijk belang en dat er geen reële alternatieven waren. Ook was de ruimtelijke kwaliteit niet aantoonbaar verbeterd.
Verder oordeelde de Afdeling dat het bestemmingsplan geen nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft en dat de eisen van artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening niet van toepassing zijn. Omdat de ontheffing in strijd is met het motiveringsbeginsel, kon het raadsbesluit niet in stand blijven. De besluiten zijn vernietigd en de raad is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het bestemmingsplan 'De Steupel' en de onderliggende ontheffing zijn vernietigd wegens strijd met het motiveringsbeginsel en gebrek aan belanghebbendheid van Stichting De Steupel.