ECLI:NL:RVS:2015:3991
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vergunningwijziging veehouderij op grond van Natuurbeschermingswet 1998
Het college van gedeputeerde staten van Utrecht verleende op 15 oktober 2013 een vergunning voor het wijzigen en uitbreiden van een veehouderij op grond van de Natuurbeschermingswet 1998. De Coöperatie Mobilisation for the Environment (Mob) en vereniging Leefmilieu maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat gedeeltelijk werd gehonoreerd, waarna zij beroep instelden bij de Raad van State.
Tijdens de procedure dienden Mob en Leefmilieu landbouwtellinggegevens in over de periode 1989-1995, bedoeld ter onderbouwing van hun stelling dat eerdere vergunningen krachtens de Hinderwet gedeeltelijk waren vervallen. De Raad van State oordeelde dat deze gegevens te laat waren ingediend, waardoor het college en de vergunninghouder niet adequaat konden reageren, wat in strijd was met de goede procesorde.
De Raad van State liet deze landbouwtellinggegevens buiten beschouwing en concludeerde dat Mob en Leefmilieu onvoldoende bewijs hadden geleverd om het college te weerleggen dat de eerdere vergunningen rechtsgeldig waren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunningwijziging veehouderij wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.