ECLI:NL:RVS:2015:4020
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek handhaving door college Haarlem
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem wees op 6 augustus 2013 het verzoek om handhaving van appellant af. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 2 december 2014 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Noord-Holland verklaarde het daarop ingestelde beroep op 19 maart 2015 ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Hij stelde dat het college niet tijdig volledig op zijn verzoek had beslist en daardoor een dwangsom had verbeurd. De Afdeling oordeelde dat het besluit van 6 augustus 2013 tijdig was genomen binnen de wettelijke termijn, ook al was het besluit mogelijk niet volledig.
De Afdeling benadrukte dat artikel 4:13 Awb Pro vereist dat een besluit binnen de wettelijke termijn wordt genomen, los van de inhoudelijke juistheid ervan. De mogelijkheid om de juistheid aan te vechten bestaat via bezwaar en beroep. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.