ECLI:NL:RVS:2015:4035
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing naturalisatieverzoek wegens ontbreken nieuw feiten
De staatssecretaris heeft het verzoek van appellant om het Nederlanderschap te verkrijgen afgewezen bij besluit van 20 maart 2014, na een eerdere afwijzing in 2009. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten, maar de rechtbank Limburg verklaarde het beroep ongegrond. Appellant ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling stelt vast dat de besluiten van 2009 en 2014 van gelijke strekking zijn en dat toetsing door de bestuursrechter slechts mogelijk is indien nieuw gebleken feiten, veranderde omstandigheden of relevante wetswijzigingen zijn aangevoerd. Appellant heeft echter geen nieuwe feiten of omstandigheden kunnen aanvoeren die het eerdere besluit zouden kunnen wijzigen.
De door appellant overgelegde documenten, waaronder verklaringen en brieven van DUO en de gemeente, kunnen het eerdere besluit niet afdoen. Er is ook geen sprake van relevante wetswijzigingen of buitengewone omstandigheden die een hernieuwde toetsing rechtvaardigen.
Daarom vernietigt de Afdeling de uitspraak van de rechtbank Limburg en verklaart het beroep tegen het besluit van 17 juni 2014 ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van het naturalisatieverzoek wordt ongegrond verklaard.