ECLI:NL:RVS:2015:4059
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrond verklaring beroep vreemdeling tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris wees op 19 januari 2015 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling op 6 mei 2015 gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat de vreemdeling bij terugkeer naar Jordanië geen reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. De vreemdeling komt uit Jordanië en niet uit Syrië, waardoor het ambtsbericht betreffende vluchtelingen uit Syrië niet van toepassing is.
De staatssecretaris heeft volgens de Raad van State deugdelijk gemotiveerd dat de vreemdeling niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij in Syrië verbleef en dat zijn verklaringen over zijn verblijfplaats tegenstrijdig en summier zijn. Tevens is onvoldoende gebleken dat de vreemdeling in Jordanië problemen ondervindt vanwege zijn Palestijnse afkomst.
De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning blijft in stand.