ECLI:NL:RVS:2015:408
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en toekenning hogere proceskostenvergoeding in bestuursrechtelijke informatiezaak
Appellant verzocht de minister van Veiligheid en Justitie om informatie, waarop de minister op 15 april 2013 een besluit nam. Tegen dit besluit maakte appellant bezwaar dat op 28 november 2013 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Midden-Nederland oordeelde op 9 september 2014 het beroep van appellant gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde een proceskostenvergoeding van €121,75 toe aan appellant.
Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, stellende dat de rechtbank ten onrechte een te lage wegingsfactor 'zeer licht' (0,25) hanteerde bij de proceskostenvergoeding. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de behandeling van het beroep in beginsel tot de categorie 'gemiddeld' behoort, tenzij er duidelijke redenen zijn om hiervan af te wijken, welke in deze zaak ontbraken.
De Afdeling vernietigde daarom het deel van de uitspraak waarin de vergoeding van €121,75 werd toegekend en bepaalde dat de minister aan appellant een bedrag van €490,00 dient te vergoeden voor de proceskosten, aansluitend bij de geldende puntwaarde sinds 1 januari 2015. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht van €246,00 voor de behandeling van het hoger beroep.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt het vonnis van de rechtbank en verhoogt de proceskostenvergoeding aan appellant tot €490,00.