ECLI:NL:RVS:2015:502
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen spoedeisende bestuursdwang wegens onjuist aanbieden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 23 juni 2014 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een huisvuilzak te verwijderen die naast een ondergrondse restafvalcontainer was geplaatst in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010. Het college stelde dat de huisvuilzak van appellante afkomstig was, omdat daarin een poststuk met haar naam en adres was aangetroffen.
Appellante voerde aan dat zij niet de overtreder was, omdat de zak op ongeveer 200 meter van haar woning was gevonden en zij doorgaans gebruik maakt van andere containers dichterbij. Zij stelde dat het poststuk verkeerd bezorgd was, wat zij onderbouwde met foto's van verkeerd bezorgde post.
De Raad voor de Rechtspraak overwoog dat de aanwezigheid van een poststuk met naam en adres in de huisvuilzak in principe toereikend is om de overtreder aan te wijzen, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat zij niet de overtreding heeft begaan. Appellante slaagde hier niet in, omdat de afstand niet zodanig groot was en de foto's onvoldoende bewijs boden dat het poststuk verkeerd bezorgd was.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de toepassing van spoedeisende bestuursdwang wegens verkeerd aanbieden van huishoudelijk afval is ongegrond verklaard.