ECLI:NL:RVS:2015:586
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- C.J. Borman
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraken rechtbank inzake kindertoeslag en kindgebonden budget
De Belastingdienst/Toeslagen stelde de kindertoeslag en het kindgebonden budget voor de jaren 2008, 2009 en 2010 definitief vast op lagere bedragen dan de eerder verleende voorschotten. De rechtbank had deze besluiten vernietigd omdat de definitieve vaststelling niet binnen de wettelijke termijn was gedaan en de Belastingdienst geen verlenging had aangevraagd. De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte is uitgegaan van de gewijzigde wettelijke termijn en dat overschrijding van de termijn niet betekent dat de Belastingdienst niet bevoegd is om een lagere vaststelling te doen.
Daarnaast heeft de Raad van State geoordeeld dat de Belastingdienst niet hoefde te horen over de bezwaren van de wederpartij, omdat op voorhand niet kon worden uitgesloten dat de bezwaren tot een ander besluit zouden leiden. De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt daarom het besluit van 14 november 2013 wegens schending van het hoorrecht, maar laat de rechtsgevolgen van dat besluit in stand.
De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de uitspraken van de rechtbank voor zover deze de beroepen gegrond verklaarden en de besluiten herroepen, en gelast vergoeding van het betaalde griffierecht aan de wederpartij.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard, uitspraken rechtbank vernietigd en besluit van 14 november 2013 vernietigd wegens schending hoorrecht, maar rechtsgevolgen blijven in stand.