ECLI:NL:RVS:2015:59
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor overtreding binnenspeelruimte kinderopvang
De zaak betreft het hoger beroep van een exploitant van een kinderdagverblijf tegen een bestuurlijke boete van €3.000 wegens het niet voldoen aan de vereiste bruto-oppervlakte van passend ingerichte binnenspeelruimte voor elf kinderen. De boete was opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag en gehandhaafd na bezwaar.
De rechtbank had het beroep van de exploitant gegrond verklaard vanwege onvoldoende motivering van het college bij het afzien van matiging van de boete, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. De exploitant stelde dat zij voldeed aan de oppervlakte-eisen en dat het college onterecht een deel van de gang als vluchtroute had aangemerkt en niet had meegeteld als speelruimte.
De Raad van State oordeelt dat het college terecht een substantieel deel van de gang als vluchtroute heeft aangemerkt en niet als speelruimte mocht meetellen. De metingen van het college zijn betrouwbaar en de exploitant kon de aanwezigheid van elf kinderen niet ontkennen. De overtreding is haar aan te rekenen, ook al was sprake van een tijdelijke en onvoorziene situatie. De opgelegde boete is passend en niet disproportioneel.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd met verbeterde motivering. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De bestuurlijke boete van €3.000 voor overtreding van de binnenspeelruimte-eisen wordt bevestigd.