ECLI:NL:RVS:2015:788
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging overdrachtsbesluit vreemdeling aan Italië op grond van Dublinverordening
De staatssecretaris heeft op 26 september 2014 aan de vreemdeling medegedeeld dat hij aan Italië zal worden overgedragen op grond van de Dublinverordening. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State.
De vreemdeling voerde aan dat hij zijn bezwaren tegen overdracht op basis van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro in deze procedure kon aanvoeren, maar de rechtbank stelde dat dit alleen in een asielprocedure kan. De Raad van State oordeelt dat dit standpunt juist is en dat het Nederlandse systeem voldoende rechtsbescherming biedt, omdat de vreemdeling altijd een asielverzoek kan indienen en daartegen rechtsmiddelen kan instellen.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De overdracht aan Italië vindt plaats zonder dat de staatssecretaris hoeft te toetsen aan artikel 3 EVRM Pro in deze procedure.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het overdrachtsbesluit aan Italië bevestigd.