ECLI:NL:RVS:2015:818
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E. Steendijk
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Weigering exploitatievergunning op grond van ernstig gevaar Wet bibob bevestigd
De burgemeester van Dordrecht weigerde op 6 augustus 2012 een exploitatievergunning voor een horecagelegenheid aan [locatie] te verlenen aan appellant, omdat ernstig gevaar bestond dat de vergunning zou worden gebruikt om uit strafbare feiten verkregen voordelen te benutten en strafbare feiten te plegen. Dit besluit werd ondersteund door een bibob-advies waarin werd gesteld dat appellant zich herhaaldelijk schuldig had gemaakt aan strafbare feiten, onder meer op het gebied van belastingwetgeving en kansspelen, en dat hij weigerde aanvullende informatie te verstrekken.
Appellant stelde dat hij niet strafrechtelijk was vervolgd en dat het bibob-advies onvoldoende bewijs bevatte, mede omdat het steunde op verklaringen van informanten. Ook voerde hij aan dat hij gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel werden geschonden, omdat andere horecaondernemers wel vergunningen kregen ondanks vergelijkbare omstandigheden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de burgemeester terecht van het bibob-advies mocht uitgaan en dat de weigering van aanvullende informatie door appellant als ernstig gevaar kon worden aangemerkt. De bestuursrechtelijke procedure vereist geen strafrechtelijke veroordeling, maar voldoende aannemelijkheid van strafbare feiten. Het beroep op het onschuldpresumptieartikel van het EVRM faalde omdat er geen verband was met een strafrechtelijke procedure.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank Rotterdam en wees het hoger beroep af, waarmee de weigering van de exploitatievergunning definitief werd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de exploitatievergunning op grond van ernstig gevaar volgens de Wet bibob.