ECLI:NL:RVS:2015:93
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening kinderopvangtoeslag 2009-2011 en rechtsgevolgen vernietigd besluit
De Belastingdienst/Toeslagen heeft bij besluiten van 11 september 2012 de kinderopvangtoeslagvoorschotten aan wederpartij over de jaren 2009 tot en met 2011 herzien en op nihil gesteld. De rechtbank Rotterdam vernietigde dit besluit op 17 oktober 2013 wegens onvoldoende motivering en bepaalde dat de Belastingdienst een nieuw besluit moest nemen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep van de Belastingdienst gegrond verklaard. De Afdeling oordeelt dat de rechtbank ten onrechte niet heeft vastgesteld dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit geheel in stand kunnen blijven. De Afdeling stelt vast dat wederpartij niet aannemelijk heeft gemaakt dat de gastouderopvang heeft plaatsgevonden op basis van overeenkomsten die voldoen aan de wettelijke eisen, met name omdat de overeenkomsten niet de verplichte prijs per uur vermelden en er geen geloofwaardige verklaring is gegeven voor het late overleggen van bepaalde overeenkomsten.
De Afdeling vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank voor zover deze bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit over 2009-2011 volledig in stand blijven. Daarnaast wordt de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van wederpartij.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit over 2009-2011 blijven volledig in stand en de Belastingdienst wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.