ECLI:NL:RVS:2015:976
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over afwijzing financiële bijdrage renovatie Grote Sluis Spaarndam
Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Rijnland verzocht gedeputeerde staten van Noord-Holland om een financiële bijdrage voor de renovatie van de Grote Sluis in Spaarndam. Dit verzoek werd bij besluit van 29 maart 2011 afgewezen. Na bezwaar werd dit besluit opnieuw ongegrond verklaard op 3 juli 2014. De rechtbank verklaarde het beroep van het college gegrond en vernietigde het besluit, waarbij gedeputeerde staten werden opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
Gedeputeerde staten stelden hoger beroep in tegen deze termijn en vroegen om een voorlopige voorziening. Zij voerden aan dat complexe financiële analyses nodig zijn en dat zij een minnelijke oplossing nastreven. De voorzieningenrechter oordeelde dat de termijn van zes weken redelijk is en dat gedeputeerde staten niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij binnen deze termijn niet tot een besluit kunnen komen.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens bepaalde de voorzieningenrechter dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State kan worden ingesteld. Gedeputeerde staten werden veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van gedeputeerde staten wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.