ECLI:NL:RVS:2016:1063
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- H.G. Sevenster
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake spoedeisende bestuursdwang slib-waterbassins
Het geschil betreft de toepassing van spoedeisende bestuursdwang door het college van gedeputeerde staten van Limburg op slib-waterbassins op een bedrijfsterrein te Heel, waar afvalstoffen werden verwerkt zonder geldige vergunning. Het college heeft de bassins gedeeltelijk en geheel leeggepompt vanwege risico op overstroming en bodemverontreiniging, waarbij de kosten van bestuursdwang aan de overtreders zijn opgelegd.
De rechtbank Limburg verklaarde de beroepen van Edelchemie, Phoenica en hun bestuurders ongegrond, maar de Raad van State oordeelt dat de rechtbank niet bevoegd was om uitspraak te doen over de beroepen tegen besluiten op grond van de Wet milieubeheer en Wet bodembescherming. Daarom wordt de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het hoger beroep gegrond verklaard.
Inhoudelijk gaat de Afdeling bestuursrechtspraak in op de bevoegdheid van het college, de spoedeisendheid van de situatie, de aanmerkingen op de kostenverhaal en de aanwijzing van overtreders. De bestuursdwang was terecht toegepast wegens overtreding van de Wabo, de spoedeisendheid was aannemelijk vanwege het risico op overstroming en milieuverontreiniging, en de kosten zijn terecht aan de overtreders opgelegd. De beroepen worden inhoudelijk ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De griffierechten worden aan de appellanten vergoed. De uitspraak is gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 20 april 2016.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard wegens onbevoegdheid rechtbank, uitspraak rechtbank vernietigd, beroepen inhoudelijk ongegrond verklaard en kostenverhaal bevestigd.