ECLI:NL:RVS:2016:1104
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J.J. van Buuren
- J.A. Hagen
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning bouw 38 appartementen ondanks strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Boxmeer verleende op 17 december 2014 een omgevingsvergunning aan Stichting Mooiland voor de bouw van 38 levensloopbestendige appartementen op een perceel met de bestemming 'Maatschappelijk', in strijd met het bestemmingsplan. [Appellant], wonende tegenover het perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning.
De rechtbank Oost-Brabant verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde dat het college een goede ruimtelijke onderbouwing had gegeven, waarbij werd verwezen naar diverse prognoses en rapportages die een actuele regionale behoefte aan woningen, waaronder levensloopbestendige appartementen, onderbouwen. Het perceel betreft een inbreidingslocatie nabij voorzieningen.
Appellant voerde onder meer aan dat het college onvoldoende actuele gegevens had verstrekt en dat de rechtbank ten onrechte het beroep op de ladder voor duurzame verstedelijking had verworpen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter dat het college voldoende heeft gemotiveerd dat er een actuele regionale behoefte bestaat en dat de vergunning terecht is verleend. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor de bouw van 38 appartementen wordt bevestigd.