ECLI:NL:RVS:2016:1150
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen bestemmingsplan Enschede Noord 2013 betreffende woonbestemming en bouwregels
De appellant, eigenaar van meerdere percelen in Enschede, stelde beroep in tegen het bestemmingsplan 'Enschede Noord 2013', vastgesteld door de gemeenteraad op 14 december 2015. Hij verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek en besloot direct in de hoofdzaak uitspraak te doen.
Het geschil betrof met name de bestemming van de percelen, waarbij appellant wilde dat wonen op deze percelen werd toegestaan door een bouwvlak toe te kennen. Daarnaast stelde hij dat garages ten onrechte niet waren ingetekend en dat hij hoger wilde bouwen dan toegestaan. De raad handhaafde het conserverende uitgangspunt van het bestemmingsplan, waarbij wonen op de betreffende percelen niet was toegestaan en bouwhoogtes werden beperkt.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het beroep ongegrond is. De niet-intekening van vergunningvrije garages geeft geen rechten, het toestaan van wonen op de percelen is niet in strijd met het plan en het verzoek om hogere bouwhoogte faalt omdat de situaties niet vergelijkbaar zijn. Ook het verzoek om een bedrijf van categorie 2 toe te staan werd afgewezen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd eveneens afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan Enschede Noord 2013 wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.