ECLI:NL:RVS:2016:1254
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging huisverbod opgelegd door burgemeester wegens dreigend gevaar voor veiligheid gezin
Bij besluit van 2 augustus 2015 legde de burgemeester appellant een tijdelijk huisverbod op, waarbij hij de woning aan een locatie in Delft onmiddellijk moest verlaten en gedurende tien dagen geen contact mocht opnemen met zijn echtgenote en twee dochters. Dit huisverbod werd opgelegd vanwege oplopende spanningen en vermoedens van geweld jegens een van de kinderen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, waarbij zij oordeelde dat de burgemeester terecht aannam dat de aanwezigheid van appellant in de woning een ernstig en onmiddellijk gevaar opleverde voor de veiligheid van zijn gezin. De rechtbank nam mee dat er meerdere incidenten en politieoproepen waren geweest en dat een afkoelingsperiode noodzakelijk was om escalatie te voorkomen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat geen sprake was van dreigend gevaar en dat het huisverbod onterecht was. De Raad van State oordeelde dat het huisverbod een bestuurlijke maatregel is bedoeld om escalatie te voorkomen en hulp te bieden, ook zonder strafbare feiten. Gezien de feiten en omstandigheden was het opleggen van het huisverbod gerechtvaardigd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het huisverbod van de burgemeester wordt bevestigd.