ECLI:NL:RVS:2016:1319
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nadeelcompensatie wegens voorzienbaarheid tracébesluit N18
Appellant had een verzoek ingediend om nadeelcompensatie wegens waardevermindering van zijn onroerend goed als gevolg van het tracébesluit N18 Varsseveld-Enschede. De minister wees dit verzoek af omdat de schade voorzienbaar was door de eerdere publicatie van de startnotitie. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant voerde aan dat het tracébesluit voor hem niet voorzienbaar was, mede vanwege mondelinge afspraken en familieoverdracht. De Raad van State oordeelde dat de voorzienbaarheid aanvangt op 1 maart 2005, toen de startnotitie ter inzage lag, en dat appellant zijn percelen na die datum heeft verkregen. De Raad achtte de startnotitie voldoende concreet om rekening te houden met de nadelige gevolgen.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van nadeelcompensatie bevestigd.