ECLI:NL:RVS:2016:132
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitbreiding detailhandel bestemmingsplan Leidsenhage
De raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg stelde op 15 september 2015 het bestemmingsplan Leidsenhage vast, gericht op herontwikkeling en uitbreiding van detailhandel met circa 30.000 m2 bvo. Stichting Achmea Dutch Retail Property Fund en anderen, eigenaren van winkels in nabijgelegen centra, vreesden onaanvaardbare leegstand en verzochten om schorsing van het plan.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de raad zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat uitbreiding noodzakelijk is om Leidsenhage toekomstbestendig te maken, mede gelet op veranderend consumentengedrag en regionale ontwikkelingsmogelijkheden. Diverse rapporten toonden aan dat marktruimte bestaat en dat omzetderving niet direct leidt tot evenredige leegstand.
Verder werd geoordeeld dat het plan niet in strijd is met de regionale structuurvisie, waarbij Leidsenhage expliciet is uitgezonderd van bepaalde groeibeperkingen. Het accent blijft op het middensegment liggen, waardoor het geen bovenregionaal winkelcentrum wordt.
Gelet op deze overwegingen en het feit dat de opening pas in 2018 plaatsvindt, woog het belang van Achmea en anderen niet zwaarder dan het belang van het plan, zodat het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan Leidsenhage wordt afgewezen.