ECLI:NL:RVS:2016:1388
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A.B.M. Hent
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor onvoldoende preventie beknellingsgevaar bij arbeidsongeval
Op 18 april 2013 vond een arbeidsongeval plaats waarbij een werknemer bekneld raakte tussen een maxicontainer en een midicontainer, resulterend in amputatie van vingers. De minister legde een boete van €36.000,- op aan de werkgever wegens het niet voorkomen van het gevaar van beknelling, gebaseerd op overtreding van artikel 3.17 van het Arbeidsomstandighedenbesluit.
De werkgever voerde aan dat het ongeval het gevolg was van het niet naleven van werkinstructies door de werknemer en dat zij voldoende maatregelen had getroffen, waaronder het inzetten van een mentorchauffeur. Zij stelde dat de boete gematigd had moeten worden op grond van de beleidsregel boeteoplegging en het evenredigheidsbeginsel.
De Raad van State oordeelde dat de werkgever niet aannemelijk had gemaakt dat een werkinstructie bestond die het toezicht van de mentorchauffeur beperkte tot alleen de chauffeur en dat de instructies onvoldoende waren om het beknellingsgevaar te voorkomen. Er was geen bewijs van adequaat toezicht en de matigingsgronden waren niet vervuld. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de boete bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €36.000,- wegens onvoldoende preventie van beknellingsgevaar.