ECLI:NL:RVS:2016:1394
Raad van State
- Hoger beroep
- N.S.J. Koeman
- J.W. van de Gronden
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing voorlopige investeringsverklaringen voor sloop en nieuwbouw sociale huurwoningen
WonenCentraal had 145 aanmeldingen ingediend voor voorlopige investeringsverklaringen voor de verbouw van een leegstaand hotel tot sociale huurwoningen. De minister wees deze af omdat het project volgens hem geen 'verbouw' betrof, maar nieuwbouw, aangezien het bestaande gebouw inclusief fundering volledig was gesloopt.
De rechtbank bevestigde dit standpunt en oordeelde dat 'verbouw' in de zin van de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II (Wmw) betrekking heeft op het wijzigen van een bestaand bouwwerk, waarbij ten minste een deel van het bestaande gebouw behouden blijft. Sloop met funderingsverwijdering gevolgd door nieuwbouw valt hier niet onder.
WonenCentraal voerde aan dat de wetgever met 'verbouw' ook transformatie bedoelde, inclusief sloop en nieuwbouw op dezelfde locatie. De Raad van State verwierp dit en stelde dat de tekst en de memorie van toelichting van de Wmw dit niet ondersteunen. De term 'ombouw' duidt op behoud van (delen van) het bestaande gebouw, en 'transformatie' betreft een bouwkundige wijziging, niet een volledige sloop en nieuwbouw.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het vonnis van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de voorlopige investeringsverklaringen wordt bevestigd.