ECLI:NL:RVS:2016:1509
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens onredelijk late indiening Wob-verzoek
Op 20 maart 2014 hebben twee wederpartijen een Wob-verzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van Leiden. Na uitblijven van een besluit en meerdere herinneringen, waaronder een ingebrekestelling op 22 mei 2014, werd uiteindelijk op 8 januari 2015 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en stelde een dwangsom vast. Het college ging in hoger beroep en betoogde dat het beroep onredelijk laat was ingediend, verwijzend naar het tijdsverloop tussen de ingebrekestelling en de beroepsdatum.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het beroep inderdaad onredelijk laat was ingediend, omdat al op 27 juni 2014 duidelijk was dat het college niet voornemens was een besluit te nemen en er geen feiten waren die dit later rechtvaardigden. De rechtbank had dit niet onderkend en haar uitspraak werd vernietigd. Het beroep werd alsnog niet-ontvankelijk verklaard. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op het Wob-verzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onredelijk late indiening.