ECLI:NL:RVS:2016:165
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag schuldhulpverlening wegens niet-naleving inlichtingenplicht
Appellante diende op 15 mei 2014 een aanvraag in voor schuldhulpverlening bij het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Het college vroeg aanvullende gegevens op 26 juni en 9 juli 2014, die noodzakelijk waren voor de beoordeling van de aanvraag. Appellante heeft deze gegevens niet aangeleverd en verscheen niet op twee afspraken, waardoor het college haar aanvraag op 17 juli 2014 afwees.
Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college werd afgewezen. Vervolgens stelde zij beroep in bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. In hoger beroep voerde appellante aan dat zij op grond van een brief van 9 mei 2014 mocht vertrouwen dat haar aanvraag compleet was, maar de Raad van State oordeelde dat dit vertrouwen niet gerechtvaardigd was omdat het college aanvullende documenten mocht vragen.
De Raad van State bevestigde dat appellante niet voldeed aan haar inlichtingen- en medewerkingsplicht zoals vastgelegd in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de Beleidsregels schuldhulpverlening 2012 van de gemeente Den Haag. Hierdoor was het college gerechtigd de aanvraag af te wijzen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de aanvraag schuldhulpverlening wegens niet-naleving van de inlichtingenplicht.