ECLI:NL:RVS:2016:1752
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing persoonlijke betalingsregeling kinderopvangtoeslag 2009
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen de afwijzing van haar verzoek om een persoonlijke betalingsregeling voor de terugvordering van ten onrechte ontvangen kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009. De Belastingdienst stelde dat de terugvordering het gevolg was van opzet of grove schuld, waardoor alleen een terugbetaling in 24 maanden mogelijk was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Afdeling dat de Belastingdienst zich niet langer op opzet of grove schuld kan beroepen voor de periode van 6 augustus tot en met 31 december 2009. Voor deze periode dient een persoonlijke betalingsregeling te worden getroffen. Voor de periode van 1 januari 2008 tot 6 augustus 2009 blijft de betalingsregeling ongewijzigd omdat appellante nalatig was in het doorgeven van wijzigingen ondanks haar kennis van het stopzetten van de toeslag.
De Afdeling vernietigt het bestreden besluit voor het deel dat de persoonlijke regeling voor de periode na 6 augustus 2009 werd afgewezen en beveelt de Belastingdienst een nieuw besluit te nemen. Tevens veroordeelt zij de Belastingdienst tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak bevestigt voor het overige de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de Belastingdienst dient een persoonlijke betalingsregeling te treffen voor de periode 6 augustus tot en met 31 december 2009.