ECLI:NL:RVS:2016:1906
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestemmingsplan Noordoosthoek Hoornse Meer
De raad van de gemeente Groningen stelde op 24 februari 2016 het bestemmingsplan Noordoosthoek Hoornse Meer vast, dat voorziet in de vergroting van het meer en de bouw van aanlegsteigers en een restaurant nabij een hotel. Verzoekers, waaronder bewoners van de J.M. den Uylstraat, stelden beroep in en vroegen om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekers voldoende belanghebbenden zijn, gelet op de afstand tot het plangebied en mogelijke geluidsoverlast. Het college van gedeputeerde staten had ontheffing verleend van artikel 4.27 van de Omgevingsverordening Groningen 2009, wat volgens verzoekers onterecht was. De voorzieningenrechter vond de motivering van het college toereikend en geen aanleiding om de ontheffing te vernietigen.
Verder stelde de voorzieningenrechter vast dat het restaurant geen nieuwe stedelijke ontwikkeling is en dat het plan voldoende is gemotiveerd wat betreft de belangen van het hotel, de gemeente en de bereikbaarheid. Geluidsonderzoek was adequaat, en de waterhuishouding is voldoende gewaarborgd via een watervergunning. De natuurcompensatie is passend geregeld in de planregels. Gezien deze overwegingen werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan werd afgewezen.