ECLI:NL:RVS:2016:214
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hoger beroep tegen afwijzing Wob-verzoek inzake onderhoudsdocumenten dienstvoertuig politie
Bij besluit van 23 augustus 2013 wees de korpschef het Wob-verzoek van appellant af om onderhoudsboekje en onderhoudsrapporten van een politievoertuig openbaar te maken. Appellant maakte bezwaar, dat eveneens werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond en bepaalde dat de korpschef bepaalde documenten alsnog moest doorzenden aan het Openbaar Ministerie.
Het hoger beroep richt zich op het niet vernietigde gedeelte van het besluit, met name de afwijzing van het verzoek tot openbaarmaking van het onderhoudsboekje en onderhoudsrapporten. Appellant betoogde dat de korpschef onzorgvuldig had gehandeld door niet te zoeken naar het onderhoudsboekje en dat de onderhoudsrapporten, hoewel bij een garage, feitelijk onder de korpschef vielen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de korpschef aannemelijk had gemaakt dat het onderhoudsboekje niet onder zijn beheer viel, en dat het garagebedrijf niet onder zijn verantwoordelijkheid viel. Ook werd geoordeeld dat de berekening van de beslistermijn en de toepassing van de opschorting daarvan door de rechtbank correct was. Verder wees de Afdeling het verzoek tot vergoeding van proceskosten af omdat appellant zelf als advocaat optrad.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank voor zover aangevallen, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.