ECLI:NL:RVS:2016:2152
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J.J. van Buuren
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over huurtoeslag 2013 wegens onjuiste toepassing wettelijke regels
De Belastingdienst/Toeslagen stelde de huurtoeslag voor het jaar 2013 van de wederpartij definitief vast op nihil, omdat de rekenhuur hoger was dan de maximale huurgrens. De wederpartij betwistte dit en kreeg in eerste aanleg gelijk van de rechtbank Den Haag, die oordeelde dat de wederpartij op de website van de dienst gerechtvaardigd vertrouwen mocht ontlenen dat zij de keuze had om servicekosten al dan niet mee te nemen in de berekening.
De Belastingdienst stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte dit vertrouwen aannam en dat de wetgever niet voorziet in een keuzevrijheid voor aanvragers om servicekosten anders op te geven dan overeengekomen. De Raad van State bevestigde dat de rekenhuur volgens de Wet op de huurtoeslag bestaat uit de huurprijs plus maximaal toegestane servicekosten en dat de wederpartij geen uitzonderingen had gesteld die recht geven op toeslag.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de wederpartij ongegrond. De Belastingdienst had de huurtoeslag terecht op nihil vastgesteld. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard en de huurtoeslag 2013 blijft nihil vastgesteld.