ECLI:NL:RVS:2016:221
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- B.P. Vermeulen
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag hospice wegens WTZi-toelating en Regeling palliatieve terminale zorg
De stichting Hospice Dignitas vroeg subsidie aan op grond van de Regeling palliatieve terminale zorg (ptz) voor huisvestingskosten over 2014. De minister wees de aanvraag af omdat de stichting een toelating op grond van de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) bezit, wat volgens de regeling een subsidie-uitsluitingsgrond is.
De stichting voerde aan dat zij extramurale zorg verleent en dat de regeling alleen intramurale zorgtoelatingen bedoelt, en dat de regeling in strijd is met algemene rechtsbeginselen. Ook stelde zij dat de hardheidsclausule had moeten worden toegepast.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat artikel 3 van Pro de Regeling ptz duidelijk stelt dat elke WTZi-toelating subsidie uitsluit, ongeacht de aard van de zorg. De toelichting bevestigt dat de regeling gericht is op het voorkomen van dubbele financiering en het onderscheid tussen reguliere en vrijwillige palliatieve zorg. De stichting heeft geen onbillijkheid van overwegende aard onderbouwd die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigt.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de subsidieaanvraag bevestigd.