ECLI:NL:RVS:2016:2215
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en herziening vergoeding kosten contra-expertise in asielprocedure
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 6 oktober 2014 de aanvraag van een vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 29 januari 2016 het besluit vernietigde en de staatssecretaris veroordeelde tot vergoeding van kosten voor een contra-expertise van € 2.196,15.
De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, stellende dat de rechtbank ten onrechte geen rekening had gehouden met eerdere vergoedingen van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) voor de contra-expertise en het weerwoord, respectievelijk € 968,00 en € 363,00.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep ontvankelijk was en gegrond, vernietigde het deel van de uitspraak betreffende de kostenvergoeding en bepaalde dat de staatssecretaris slechts € 865,15 aan de vreemdeling hoeft te vergoeden. Tevens veroordeelde de Raad de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten van € 496,00 voor de behandeling van het hoger beroep.
Deze uitspraak benadrukt het belang van correcte verrekening van reeds toegekende vergoedingen in bestuursrechtelijke procedures omtrent vreemdelingenrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de vergoeding van de kosten van contra-expertise wordt verlaagd tot € 865,15.