ECLI:NL:RVS:2016:2360
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- E. Helder
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over zelfstandige woonruimte en huurtoeslag 2011
De Belastingdienst/Toeslagen stelde de huurtoeslag van de huurder over 2011 definitief vast op nihil en vorderde de uitgekeerde voorschotten terug omdat de woonruimte volgens hen een kamer betrof en geen zelfstandige woonruimte. De rechtbank oordeelde echter dat de huurder voldoende aannemelijk had gemaakt dat de woonruimte zelfstandig was, mede op basis van foto’s en voorzieningen zoals een eigen toegangsdeur en volwaardig toilet.
De Belastingdienst voerde in hoger beroep aan dat de foto’s dateren van na 2011 en dat verklaringen van derden niet objectief zijn, en dat de verhuurder meermalen heeft verklaard dat sprake was van kamerverhuur. De Raad van State oordeelde dat de door de huurder overgelegde foto’s uit 2014 en 2015 wel degelijk de situatie van de woonruimte in 2011 aannemelijk maken en dat de verklaring van de verhuurder minder zwaar weegt gezien zijn belang bij het ontkennen van zelfstandigheid.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De Belastingdienst moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de huurder.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Belastingdienst wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.