ECLI:NL:RVS:2016:2425
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J. Kramer
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen bestemmingsplannen Hoekse Lijn wegens goederenvervoer per spoor
De stichting Cluster Agrologistieke Bedrijventerreinen Westland heeft beroep ingesteld tegen de bestemmingsplannen 'Hoekse Lijn' vastgesteld door de gemeenten Maassluis, Schiedam en Rotterdam. De stichting betoogde dat de plannen het goederenvervoer per spoor belemmeren, wat nadelig zou zijn voor de belangen van de aangesloten agrologistieke bedrijventerreinen.
De Raad van State oordeelde dat de stichting als belanghebbende kan worden aangemerkt, gezien haar statutaire doelstellingen en feitelijke werkzaamheden ter behartiging van de agrologistieke belangen in het Westland. De stichting had haar beroepsgronden tijdig ingediend conform de Crisis- en herstelwet.
Inhoudelijk stelde de Afdeling vast dat de bestemmingsplannen goederenvervoer per spoor op de Hoekse Lijn mogelijk maken, ondanks verschillende bestemmingsomschrijvingen. Ook het ontbreken van een keerspoor bij het station Hoek van Holland Haven is geen beperking van goederenvervoer. De stellingen van de stichting missen feitelijke grondslag, waardoor de beroepen ongegrond zijn verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de bestemmingsplannen Hoekse Lijn worden ongegrond verklaard omdat goederenvervoer per spoor mogelijk blijft.