ECLI:NL:RVS:2016:2523
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen hondenpension in landelijk gebied
Appellant verzocht het college om handhavend op te treden tegen het exploiteren van een hondenpension op een perceel in Vijlen, vanwege geluidsoverlast en stank. Het college wees dit verzoek af omdat het houden van honden niet bedrijfsmatig was en binnen de woonbestemming paste. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat het houden van honden wel bedrijfsmatig en in strijd met het bestemmingsplan was, en dat de controles door buitengewoon opsporingsambtenaren ondeugdelijk waren. De Raad van State oordeelde dat de controles representatief waren en dat de rechtbank terecht had vastgesteld dat er geen sprake was van een bedrijfsmatige exploitatie of overlast.
Verder werd geoordeeld dat het houden van honden in de gegeven omvang en locatie ruimtelijk verenigbaar is met de woonbestemming en agrarische bestemming. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het handhavingsverzoek bevestigd.