ECLI:NL:RVS:2016:2777
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
Bij besluit van 11 april 2016 legde de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie een vrijheidsontnemende maatregel op aan de vreemdeling. De vreemdeling diende een asielaanvraag in, die door zijn gemachtigde op 14 april 2016 werd ingetrokken. Ondanks de intrekking vond op 15 en 18 april 2016 een gehoor plaats, gevolgd door een vertrekgesprek op 20 april en een vluchtaanvraag op 21 april.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende voortvarend had gehandeld bij de voorbereiding van de uitzetting en beval de opheffing van de maatregel en toekenning van schadevergoeding. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat gezien het geldige Albanees paspoort van de vreemdeling en eerdere jurisprudentie, de staatssecretaris een meer dan gebruikelijke voortvarendheid moest betrachten. De handelingen op 20 en 21 april waren voldoende voortvarend. De grief van de staatssecretaris slaagde deels, waardoor het hoger beroep gegrond werd verklaard, de uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. Een schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.