Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RVS:2016:2849

Raad van State

Datum uitspraak
18 oktober 2016
Publicatiedatum
26 oktober 2016
Zaaknummer
201600460/2/A2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:15 AwbArt. 3 Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot wraking afgewezen wegens te late indiening na einduitspraak

Verzoekster heeft bij de Raad van State een verzoek ingediend tot wraking van twee rechters die betrokken waren bij de behandeling van een bestuursrechtelijke zaak. Het verzoek werd gedaan op 6 oktober 2016 en kwam op 10 oktober 2016 binnen bij de Raad van State.

De wraking is gebaseerd op artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dat bepaalt dat een verzoek tot wraking moet worden ingediend voordat de uitspraak in de hoofdzaak is gedaan. De einduitspraak in de hoofdzaak was echter al op 5 oktober 2016 openbaar gemaakt.

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overweegt dat het verzoek om wraking daarom niet in behandeling kan worden genomen en laat het verzoek zonder zitting buiten behandeling. Dit volgt ook uit de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013, die voorschrijft dat een verzoek om wraking na openbaarmaking van de einduitspraak niet in behandeling wordt genomen.

De beslissing is genomen door de voorzitter en leden van de Afdeling bestuursrechtspraak en uitgesproken in het openbaar op 18 oktober 2016.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek is buiten behandeling gelaten wegens te late indiening na de openbaarmaking van de einduitspraak.

Uitspraak

201600460/2/A2.
Datum beslissing: 18 oktober 2016
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Beslissing op het verzoek van:
[verzoekster], wonend te [woonplaats],
om wraking (artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) van mr. F.C.M.A. Michiels en mr. B.P.M. van Ravels, als leden van de meervoudige kamer bij de behandeling van zaak nr. 201600460/1/A2.
Procesverloop
Bij brief van 6 oktober 2016, bij de Raad van State ingekomen op 10 oktober 2016, heeft [verzoekster] verzocht om wraking van mr. F.C.M.A. Michiels en mr. B.P.M. van Ravels, beiden betrokken bij de behandeling van zaak nr. 201600460/1/A2.
Overwegingen
1. Op verzoek van een partij kan ingevolge artikel 8:15 van Pro de Awb elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
Volgens artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013 kan de wrakingskamer zonder daartoe een zitting te houden beslissen een verzoek om wraking niet in behandeling te nemen indien het verzoek is gedaan nadat in de hoofdzaak de einduitspraak openbaar is gemaakt.
2. De einduitspraak in zaak nr. 201600460/1/A2 is openbaar gemaakt op 5 oktober 2016. Uit artikel 8:15 van Pro de Awb volgt dat een verzoek om wraking moet worden gedaan voordat uitspraak is gedaan in de hoofdzaak. Nadat uitspraak is gedaan is de zaak immers niet langer bij de rechter of rechters in behandeling. Gelet hierop en op artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013 wordt het verzoek zonder een zitting te houden buiten behandeling gelaten.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
laat het verzoek buiten behandeling.
Aldus vastgesteld door mr. M.G.J. Parkins-de Vin, voorzitter, en mr. C.J. Borman en mr. A.B.M. Hent, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.V.T.K. Oei, griffier.
w.g. Parkins-de Vin w.g. Oei
voorzitter griffier
Uitgesproken in het openbaar op 18 oktober 2016
670.