ECLI:NL:RVS:2016:3193
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging matiging bestuurlijke boete voor verwijderen asbesthoudend dakbeschot
De minister legde appellant een bestuurlijke boete van €10.500 op vanwege het verwijderen van asbesthoudend dakbeschot tijdens werkzaamheden aan een woning. Appellant voerde aan dat de boete onterecht gebaseerd was op beschadiging aan drie zijden van het dak, terwijl hij slechts één zijde had beschadigd.
De rechtbank matigde de boete tot €5.250 vanwege de financiële situatie van appellant en stelde vast dat de boete was opgelegd wegens het verwijderen van één stuk dakbeschot. De Raad van State bevestigt deze vaststelling en oordeelt dat het asbestinventarisatierapport slechts de staat van het gebouw beschrijft, niet de toerekenbaarheid van beschadigingen.
De Raad concludeert dat de boete terecht is gebaseerd op één beschadigde zijde en dat er geen grond is voor verdere matiging. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de matiging van de bestuurlijke boete tot €5.250 en verklaart het hoger beroep ongegrond.