ECLI:NL:RVS:2016:3323
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit college Weesp inzake handhaving herbouw rijksmonument Nieuwstad 72
Het college van burgemeester en wethouders van Weesp wees het verzoek van appellant om handhavend op te treden tegen de uitvoering van de herbouw van het rijksmonument op Nieuwstad 72 te Weesp af. Appellant maakte bezwaar, dat eveneens ongegrond werd verklaard. De rechtbank bevestigde dit oordeel. Appellant stelde in hoger beroep dat het college het verzoek onjuist had geïnterpreteerd, omdat het niet alleen ging om strijd met de verleende lichte bouwvergunning, maar ook om het niet voldoen aan de brandveiligheidseisen uit hoofdstuk 2 van het Bouwbesluit 2012, zoals voorgeschreven in artikel 1b, tweede lid, van de Woningwet.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college het verzoek van appellant ten onrechte uitsluitend als een handhavingsverzoek tegen de lichte bouwvergunning had opgevat en daarmee in strijd had gehandeld met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank had dit niet onderkend. Daarom werd het besluit van 27 februari 2015 vernietigd en werd het college opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij het verzoek correct moet worden beoordeeld.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en gelastte vergoeding van het betaalde griffierecht aan appellant. Er werden geen proceskosten toegekend. De zaak benadrukt het belang van een juiste interpretatie van handhavingsverzoeken en de toepassing van bouwregelgeving, waaronder de Woningwet en het Bouwbesluit.
Uitkomst: Het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Weesp van 27 februari 2015 wordt vernietigd en het college dient een nieuw besluit te nemen.